Zegelsem beschikt – meestal onopgemerkt – over een aantal overblijfselen uit het verleden die soms heel wat vertellen over de vroegere samenleving.

 

WASPLAATS VOOR SCHAPENWOL (Nieuwe ontdekking).

Een paar dagen geleden heeft Marc SPRANGERS uit de Haaghoek – die zelf zijn verhaal vernam van zijn vroegere buur Petrus DE VOS (°1905) - ons een stenen wasplaats getoond, verborgen onder het struikgewas dat de Perlinckbeek overgroeit op enkele meters van de Keiweg.

Die wasplaats werd vlak gemetseld IN de Perlinckbeek, heeft een totale oppervlakte van enkele vierkante meter en is afgezoomd met een natuurstenen boord die in feite een kleine waterval vormt in de beek. Buiten de regenperiodes ligt die wastafel op enkele centimeters onder het waterniveau. Destijds waren er van op de oever een aantal aarden trapjes voorhanden om gemakkelijk af te dalen, maar de natuur heeft die reeds weggespoeld.

Hier kwamen vele jaren geleden de kleine boeren uit de omgeving, die veelal beschikten over enkele schapen, hun wol wassen.

De wastafel zelf is moeilijk op te merken aangezien, buiten het struikgewas, ook een dun modderlaagje het geheel mooi verstopt. (Om ze te kunnen fotograferen was eerst wat borstelwerk vereist). Maar het valt op dat ze nog zo goed is bewaard. De jarenlange waterstroom heeft de constructie echt weinig aangevreten.

De stenen van deze wasplaats vormen dus een blijvende herinnering aan het echte leven in en rond het dorp van Zegelsem.

 

ROEPSTEEN.

 

Zo ook ligt op het kerkhof, naast de kerkmuur op enkele meters van de portaaldeur een uiterlijk nietszeggende steen. Geen inscripties, geen versierselen en – spijtig genoeg – geen ingebouwde installatie voor geluidsopnamen.

Tot voor een paar jaar lag die steen op het pleintje voor de kerkhofmuur. Enkel de oudere dorpsgenoten konden ons vertellen dat het hier om de “ROEPSTEEN” gaat. In de tijd vóór de dagbladen, vóór radio en tv, vóór internet,… werden namelijk van op die steen geregeld de activiteiten aangekondigd en de belangrijke mededelingen verkondigd aan de Zegelsemse bevolking. Hoeveel tijd die steen in gebruik is geweest kan moeilijk worden achterhaald maar blijkbaar HEEL lang.

En naar de inhoud en de manier van die aankondigingen kunnen we alleen maar gissen, want over die geluidsopnamen beschikken wij dus niet.

Bij de (kassei-)werken in Zegelsem heeft de gemeente, op vraag van enkele dorpsbewoners, die steen gered van overdracht naar het stort. Hij werd daarom verplaatst naar zijn huidige rustplaats. Een stille getuige van een rijk verleden!

  29.03.2007 HONDERD JAAR GELEDEN IN DE BEIAARD.

Via de achtereenvolgende nummers van het driemaandelijks tijdschrift Triverius leren wij wat het weekblad De Beiaard zowat honderd jaar geleden schreef over Zegelsem:

D.B.17 december 1904: Brand:

“ De hofstede van schepen Petrus Van Coppenolle is zaterdag door een geweldige brand in de as gelegd. De ramp wordt aan kwaadwilligheid toegeschreven. Het vuur brak uit rond 6 uur langs de kant van de boomgaard. Slechts enkele koebeesten konden worden gered. Zes koebeesten, twaalf varkens en tachtig kiekens alsook al het boerenalaam, klederen enz… zijn in de brand gebleven. Dank aan de moedige tussenkomst van de gendarmerie van Nederbrakel die nog een stier, een veulen en een varken heeft kunnen redden. De hofstede was verzekerd voor 27.000 frank. Op 9 november brandde ook nog een stromijt van M.P. Van Coppenolle. Deze brand werd eveneens aan kwaadwilligheid toegeschreven. Het parket stelt een onderzoek in.” (Triverius, oktober 2004).

Nog niet bevestigde bronnen menen dat het hier om het huidige hof Van de Walle in de Hauwstraat ging.

D.B. 22 april 1905: Tram (1):

“ Te Zegelsem zijn ze nu zot van op den tram te zitten. Piet en Trees hebben er op gezeten met heel hun huisgezin: mee konijnen in nen ponder, met nen hond op de schoot en nog twee poezeminnekes erbij”. (Triverius, april 2005).

D.B. 01 juli 1905: Tram (2):

Daar zat een jonge flinke uffra op den tram… en ja alzoo wat te kornieus zijn… geerne alles zien… ze heeft zich te verre geriskeerd om over de leuning van de tram te hangen… en hare haarklessen zijn blijven vasthangen in de haag van Mevr. Wed. Morre… ’t Was wel dat er de trambediende tussenkwam of ze kost gemakkelijk varen gelijk Absalon.” (Triverius, juli 2005).

D.B. 23 december 1905: Onderpastoors:

- E.H. Van Achter, onderpastoor te Zegelsem, is benoemd als pastoor in Wanzele.

- E.H. Herpelinck, coadjutor te Stekene, is benoemd te Zegelsem als onderpastoor.

   

Van de vele punten van de dagorde van de Gemeenteraad van maandag 26 maart 2007 vermelden wij hier in het bijzonder twee puntjes die vooral Zegelsem aanbelangen:

1. Een nieuwe snelheidbeperking wordt ingesteld in de Hauwstraat: Vanaf de Oudenaardsestraat tot 300m voorbij de tweede bocht van 90° zal een beperking gelden tot 50km/uur. De nodige signalisatie zal worden aangebracht.

 

2. Op een mondelinge vraag van een raadslid heeft de Schepen van Openbare Werken geantwoord dat de voorziene werken voor het herleggen van de Perlinckbeek ter hoogte van de Teirlinckstraat - die er moeten voor zorgen dat in de toekomst overstromingen zoals in juli 2005 worden vermeden - zullen aanvatten half april 2007. Het einde is gepland vóór de zomervakantie. We hopen dat die timing wordt gehaald, want de Kasseifeesten volgen heel vlug na die vakantie.


 
 

Zuster Christiane, één van de laatste kloosterbewoners van Zegelsem, overleed na een lang kloosterleven te Deftinge op 9 maart 2007 en werd er begraven op woensdag 14 maart.

 

Zij werd geboren als Rosalia Van Nuffel te Boechout op 27 maart 1927. Zij trad in de Congregatie Van de Zusters van de H. Vincentius a Paulo te Deftinge op 8 september 1953 waar zij zich wijdde aan de Heer op 19 maart 1955.

Heel haar leven heeft zij als “keukenzuster” gezorgd voor haar medezusters, voor de leerlingen en voor de rusthuisbewoners en dat op verschillende locaties: Gent, Arendonk, Overboelare, Deftinge, Gontrode en Zegelsem. Hier verbleef zij van 1980 tot 2006.

Op 1 augustus 2006 werd ze getroffen door een hersenbloeding en kon zodoende niet aanwezig zijn op de hartelijke viering van de (laatste) zusters van Zegelsem ter gelegenheid van de Kasseifeesten van september 2006 en bij de Gouden Kasseiworp, waar diezelfde zusters fungeerden als eregenodigden.

In oktober 2006 mocht ze het ziekenhuis verlaten en werd naar het moederklooster in Deftinge overgebracht. Haar gezondheidstoestand ging er echter geleidelijk achteruit en op 9 maart is zij zachtjes overleden in het bijzijn van E.Moeder Hilda.

 

Op 8 februari 1957 stapten Georges SPILEERS en Agnes CRUYPENINCK te Zegelsem in het huwelijksbootje. Hij was toen 24, zij 21 jaar. Zij werden de fiere ouders van een zoon.

Het echtpaar is ruim bekend in Zegelsem en vooral Agnes was nauw verbonden met vroegere edities van de Zegelsemse Kasseifeesten. Zo liepen in 2001 terzelfdertijd twee exposities van Agnes: enerzijds, een unieke verzameling “globes” in de Kerk en, anderzijds, een prachtige collectie eigen handwerk in het Buurthuis. Ook in 2004 was ze van de partij met haar verzameling “Koffiekannen” in het Buurthuis.

Zij vierden zopas hun gouden bruiloft. Bij deze gelegenheid bieden wij langs deze weg, in naam van de ganse bevolking, onze hartelijke gelukwensen aan de jubilarissen.
 

 

 

 

Tussen de woningen nr.3 en 7 op het Perreveld te Zegelsem is heel recent een groot deel van de berm, met inbegrip van tientallen bomen, met het water in de diepte meegesleurd. Er gaapt thans een diepe ravijn van vele meters. Er liggen zelfs een aantal kabels bloot.

Het gemeentebestuur werd verwittigd en is reeds ter plaatse geweest. De omwonenden hopen dat met grote spoed de nodige maatregelen worden genomen om verder onheil te voorkomen en alleszins te beletten dat de aanpalende woningen schade ondervinden van die ravijnvorming en dat menselijke ongevallen ten stelligste worden vermeden.

Het belooft wel een hele klus om de hele ravage te herstellen.

 

  

Op vraag van Mieke DE PRIJCK en Patrick DE LANGE van het Comité Kasseifeesten werden restauratiewerken uitgevoerd aan het volgende geschiedkundig patrimonium van ZEGELSEM:


De metalen afsluiting rond het Monument voor de Gesneuvelden werd vakkundig hersteld door de h. André VAN LIERDE. In de lente volgt de herstelling van de stenen boord eronder.












Het schild van de vroegere mijnwerkersgilde, dat vele jaren meegedragen werd in de processies, dat in de loop der jaren één van de mijnwerkerslampen had kwijtgeraakt, dat (in zwart-wit) staat afgebeeld in het boek “Zegelsem, Parochie St.-Ursmarus”, uitgegeven in 1983, dat nog onlangs werd getoond op de mijnwerkerstentoonstelling ingericht van 1 tot 3 december 2006 door Triverius-Brakel, dat doorheen de jaren zijn kleuren had verloren, werd in al zijn glorie hersteld door Georges BOURDEAUD’HUI, Fernand DE TANT en Leon GABRIËLS.
 

 

Door Jeannette DE MERLIER - echtg. PLATTI werd ons deze prachtige foto ter beschikking gesteld. Hij toont ons een beeld van de “Kostelooze Naailessen” die door SINGER werden ingericht in “Segelsem” in 1928.

Wij vragen ons af wie op deze foto staat die destijds werd genomen voor het huis aan de Oudenaardsestraat 90 (thans bewoond door Hervé DE MERLIER). Enkele namen zijn reeds bekend:

  • eerste rij: eerste van links: Oda Botteldoorn,
  • tweede rij: Helena Morre, Dorp Zegelsem, ?, Alma Botteldoorn, Francisca-Catharina Van den Brande (19-11-1904) woonde in 1928 te St. Maria Horebeke, ?, ?, Alice Botteldoorn, Madeleine Botteldoorn
  • Rechtstaande waarschijnlijk de lesgeefsters.


Wie kan helpen om de andere namen te vinden?

   

Dit vonden wij in het weekblad “De Gazette van Deynze” van zondag 23 september 1894 (Wij citeren hier letterlijk):

 

“ GRAMMENE. Bijzondere briefwisseling. Over eenige weken was er een ongeluk overkomen aan de klok onzer Kerk te Grammene. Zij liet hare klanken niet meer horen, want zij was gescheurd op eene lengte van omtrent 50 centimeters. Iedereen was getroffen door de treurige stilzwijgendheid der Klok. Gelukkig is zij, zonder den toren te verlaten, hersteld door Mijnheer Karel Teirlinck van Segelsem. Hare toon is zo zuiver, zoo klaar, zoo sterk als voorheen, gelijk al de parochianen zondag laatst met de grootste voldoening hebben gehoord. Eer en lof aan Mijnheer Karel Teirlinck den kunstenaar van Segelsem! “

Over deze kunstenaar van Zegelsem schreven we reeds een ander artikel onder deze rubriek op 11 november 2006 met als titel “Volkskunst met oude munten”. We zoeken nu uit of (en eventueel hoe) deze kunstenaar familie was van Isidoor en Herman Teirlinck, twee andere kunstenaars die nauw verbonden zijn met de geschiedenis van ons kasseidorp. Wie ons kan helpen kan contact opnemen via This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it..

   

 

Op 25 januari 2007 overleed te Scheldewindeke E.H. Lucien DE GEETER.

Hij werd geboren te Opbrakel op 14 mei 1920 en groeide er op samen met zijn broers André, Frans, Hector en Leon. In 1944 werd hij Priester gewijd.

E.H. DE GEETER was eerst leraar in het O.L.V.-College van Oudenaarde en zondagonderpastoor van Zegelsem. Hij werd in 1959 Onderpastoor van Kruishoutem en in 1967 Pastoor van Melle-Vogelhoek. In 1980 werd hij Pastoor in Scheldewindeke waar hij in 1998 op rust ging. Hij verbleef er in de RVT De Zilverlinde, waar hij Aalmoezenier was, en waar hij godvruchtig is overleden.

Namens de hele parochie bieden wij langs deze weg nogmaals onze oprechte deelneming aan.  

 

Broeder Andreas zag het levenslicht in Winksele op 25 januari 1932. Eerst volgde hij muziekopleiding, studeerde later voor onderwijzer en dan verder aan de Hogeschool voor Wetenschap en Kunst St.-Lucas te Gent.

Hij legde in 1957 zijn eeuwige geloften af bij de Broeders van de Christelijke Scholen. In 1964 behaalde hij het diploma “Grote Prijs in de Sierkunsten” en werd “Laureaat van de Grote Prijs Sierkunsten Schilderen”. Broeder Andreas bekwaamde zich in allerlei kunstdisciplines en doceerde erin aan de hogeschool. Zijn polyvalente kennis en bekwaamheden etaleerde hij vooral in de talrijke kleur- en interieuradviezen voor kerkschildering en gevels.

In juli 1981 verliet Broeder Andreas de Congregatie van de Broeders van de Christelijke Scholen om samen met Broeder Yvan op 13 augustus 1982 het Monasterium Mariakluizen te stichten. Dat Monasterium is reeds vele jaren gevestigd in Zegelsem, Keiweg 1. Hij werd diaken gewijd in de Kleine Apostolische Oud-Katholieke Kerk van België en priester in diezelfde kerk in het jaar 2000.

In 1983, ter gelegenheid van de 200-jarige viering van de kerk, werd door Broeder Andreas het eeuwenoude houten St.-Ursmarusbeeld - dat steeds in de buitennis van de noordelijke zijgevel stond opgesteld, en al zijn kleur had verloren - weer in eer hersteld. Het prachtig polichroom kunstwerk is nu te bewonderen binnenin de kerk.

Broeder Andreas overleed, na een korte ziekte te Zottegem op 9 januari 2007, enkele dagen voor zijn 75ste verjaardag. Wij bieden langs deze weg nogmaals onze christelijke deelneming aan.

Het Monasterium Mariakluizen (Mgr. Yvan Jacques) kan worden bereikt via This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it. of via telefoon: 0473/581725.